Pulinzuip Bob en EJ

Hoewel de alcohol nog lang niet uit de aderen was na het geslaagde 21-diner van de heer Helmons, toog het dispuut af naar Den Haag. In de Hofstad vond de zogenoemde pulinzuip plaats van de zeer gewaardeerde oud-leden Bob en EJ. Deze heugelijke en traditionele gebeurtenis trok oud-leden van heinde en verre  en zorgde voor een ongekende synergie. Later op de avond bleek deze onderlinge samenwerking goed van pas te komen toen de pullen ‘geklaard’ moesten worden. Na een warm welkom van de gastheer en diens vrouw werd de eerste fles dispuutsdrank soldaat gemaakt, nadat het ‘Drinckliedt’ geklonken had.

Het bezoek bood de ideale gelegenheid kennis te maken met de oud-leden en tradities van het dispuut. Zo wordt de pulinzuip beschouwd als een van de dispuutshoogtepunten, daar hierin alles samensmelt waarvoor Die Blauwe Schuite staat. Het sociale samenzijn, lekker en goed eten, elkander tarten en braveren en genieten van de verhalen van vroeger vonden plaats rondom de twee pullen die prominent in het midden geposteerd waren. De ene pul voor Bob de andere voor EJ. Van oudsher worden deze pullen aangeboden na de huwelijksvoltrekking van een (oud-)lid om nog eens terug te blikken op diens studentenleven. Daar op een huwelijksreceptie niet altijd genoeg ruimte, aandacht en behoefte is aan studentikoze corpspraat (casu quo corpsblaat), kiest het echtpaar een geschikter moment om de pul gezamenlijk nader te belichten. Niet in de laatste plaats om te zien hoe ambachtelijk en schoon de pullen zijn vorm gegeven door diens schepper. Gelukzalig genoeg wenste de heer Camiel Potters de traditie die zijn wijlen vader en buitengewoon lid van het dispuut stichtte , voort te zetten. De pullen waren zodoende, traditiegetrouw, voorzien van een drietal oren en een drietal afbeeldingen: één voor het dispuut, één voor het oud-lid en één voor diens levensgezel. Aan de hand van deze afbeeldingen bood de Vaermeester een kijkje in het dispuutsleven van beide heren. Gezien de diversiteit aan nationaliteiten van hen die aanwezig waren, besloot de Vaermeester dit in het Engels af te doen. Na zijn gestuntel realiseerde de Vaermeester dat hij beter kan drinken dan praten en besloot hij de pullen te laten rondgaan. De pullen, inmiddels gevuld met ruim tweeënhalve liter goudgeel vocht, gingen op anciënniteit rond en werden meerdere malen tot de bodem leeggedronken. Flink wat onverteerd leed bleek de kop op te steken toen jaargenoten elkander opstookten zo min mogelijk te drinken, opdat een ander hem tot de bodem móest opdrinken. Het is immers zo dat zij (individuen of ‘jaren’) die nog nooit aanwezig waren bij een pulinzuip de bodem moeten vinden, alleen of gezamenlijk. Op dit moment kwam het ogenblik van inauguratie voor sommigen erg goed van pas, hoewel de heer Sirks en de heer Tan hier over ongetwijfeld anders denken. De avond werd voorzien van een fantastische culinaire omlijsting: ganzenlever, tonijn, cappuccino van kreeft, en kalfsgehakt zijn hierbij slechts voorbeelden van hetgeen ons gelaafd heeft. Ongetwijfeld zullen ook de Haagse meeuwen zich nu nog te goed doen aan deze culinaria, daar een aantal leden de hoeveelheid drank en daarmee het eten niet aan kon. Gelukkig had de gastheer hiervoor een speciaal ‘vomeerhoekje’ achter in de tuin aangewezen.

Toen de meeste oud-leden weer in den lande verdwenen, hun burgerlijke leven opzoekende, besloot de gastheer ons van wat tips te voorzien. Zo wees hij ons op desolate, foute kroegen in Den Haag waar wij ons verdere geluk konden beproeven. Gelegenheden met namen als ‘De Pijpela’ en ‘Het Feest van Sinterklaas’ deden de harten van de leeden sneller kloppen. Na de gastheer en diens vrouw uitvoerig te hebben bedankt, reed het dispuut met een drietal taxibussen (een voor de leeden, een voor de dassen en een voor de jassen) naar het centrum van Den Haag. Tot in de vroege uren werd hier gefeest en gedronken in kroegen waar men het dispuut niet gauw meer terug zal zien. Daar voor sommigen de ‘haute cuisine’ van deze avond iets teveel van het goede was, besloot men terug te vallen op de klassieke ‘vette hap’. Hoewel Schuiters normaliter hun Turkse lekkernijen bij d’n Tropical halen, besloot de heer Koppel een net iets te oude, droge en uitgeleefde falafel van de straat te confisqueren. Waar overige leeden een dergelijk ‘belegen’ hapje driemaal rechts laten liggen, verkoos de heer Koppel een frontale orale aanval onder goedkeurend toeziend oog, dat nog nooit groter is gebleken dan zijn maag, van de heer Van Dijk. Met dit exotische uitstapje, wat overigens goed bij het ‘tropische’ thema van de avond paste, werd het bezoek aan Den Haag afgesloten. Een flinke ochtenddut op de stations Den Haag Centraal, Rotterdam Centraal en Breda zorgde voor voldoende energie om zondagochtend weer te arriveren in het Tilburgsche.

Pas bij thuiskomt drong de grootse geste van de pulinzuip bij de leden door: Bob en EJ hadden aangegeven geen cadeau te hoeven ontvangen. In plaats daarvan hadden zij de aanwezigen geadviseerd aan het dispuut bij te dragen. Een fantastisch gebaar waarvoor wij onze dank uitspreken. Deze onbaatzuchtigheid gecombineerd met de zonder einde kennende gulheid van de oud-leden zorgden voor een stuk minder kopzorgen. En dat was fijn na een avond waarop de drank rijkelijk gevloeid had en de slapen en hoofden deed bonzen.

Neem ook in het fotoalbum een kijkje voor een beeld (of meer) van de avond.